Hier volgt géén blog over dagbesteding…

Sinds 3 maanden mag ik in de vrije rol van externe aanjager meekijken, -denken en -doen bij het Veranderlab Dagbesteding bij de Gemeente Groningen. Om een beeld te krijgen van wat er speelt, welke veranderingen gaande zijn, wat goed gaat en wat beter kan, heb ik veel mensen gesproken afgelopen tijd die ‘iets’ met dagbesteding te maken hebben. Begrippen als Wmo, Participatiewet, wijkgericht werken en activering kwamen geregeld langs. Het onderwerp dagbesteding raakt een heleboel (maatschappelijke en politieke) onderwerpen die volop in ontwikkeling zijn, heerlijk complex!

Wat me al netwerkende snel opviel is dat er veel gedreven mensen bezig zijn vanuit hun vak of rol. Aan goede professionals met visie geen gebrek. Dus inhoudelijk zag ik niet gauw waar ik als aanjager waarde zou kunnen toevoegen. Tijd gaat een boel goedmaken, daar heb ik wel vertrouwen in.

Er zijn ook zaken op mijn pad gekomen waar ik wél een rol ga spelen. Als verbinder en procesbegeleider van mensen die bijvoorbeeld onbedoeld langs elkaar heen werken. Ieder vanuit hun eigen afdeling, dienst of bedrijf, ieder met de beste bedoelingen. Er is, door veranderde wetgeving en structuren, een soort ontzuiling in gang gezet in de gemeente en bij bedrijven. Maar we bevinden ons nu nog in een vacuüm waarin we zoekende zijn naar hoe het straks (anders) moet. Dan is het heel menselijk dat je je richt op wat je al kent en denkt vanuit de afdeling of organisatie waar je ‘onder’ valt.

Maar, hier komt de denkfout durf ik te stellen. Als we wachten op duidelijkheid in regels en structuren, bewandelen we niet de meest handige weg hoe we de veranderingen samen vorm kunnen geven. Bij de huidige ontwikkelingen past veel beter dat we beginnen met een (gedeelde) visie en vervolgens handelen in uitvoering van regels. Ik zal een concreet voorbeeld noemen:

Er is een begrip dat ik vaker heb gehoord als reden waarom ambtenaren van verschillende (ex-)diensten, commerciële partijen, hulpverleners, ondernemers en anderen nog niet optimaal samen werken. Telkens als ik het hoor, doet het mij fronsen: verdringing. “De Wmo en de Participatiewet conflicteren met elkaar”, heb ik eens letterlijk gehoord. Ik wil en kan haast niet geloven dat dit de kern is van het probleem.

Iets zegt mij dat de gedachtes die we er op nahouden om in termen van verdringing te denken het probleem zijn. Gedachtes als: de vijver is niet groot genoeg voor ons allemaal. Mensen horen in hokjes en als je in het ene hokje zit mag je niet de werk(gelegenheid) kapen van mensen uit het andere hokje.

Beste lezer, ik wil je bij deze graag uitdagen om een gedachte-experiment aan te gaan. Stel, dat verdringing niet zou bestaan. Niet omdat er werk voor iedereen is, maar omdat we anders naar de wereld om ons heen kijken. Met welke bril zou je moeten kijken om dat zo te zien?

Zelf ben ik hier al een tijd hierop aan het broeden en kwam ik op de volgende drie kernwaarden:

  • vertrouwen
  • gelijkwaardigheid
  • de kracht van onderaf

Vertrouwen

  • Vertrouwen dat (het gros van de) mensen de beste bedoelingen hebben (en de boel niet willen flessen)
  • Vertrouwen dat we ons ook in een complexe, onvoorspelbare toekomst gaan reden, ook als nog niet duidelijk is (en misschien wel nooit duidelijk wordt) hoe het precies moet, als we maar terugvallen op het doel waarvoor we het doen

Gelijkwaardigheid

  • We zijn allemaal anders (heerlijk, zegt deze psycholoog in mij) en we zijn allemaal even veel waard
  • Ieder mens is een uniek individu met een schat aan potentie dankzij zijn talenten, drijfveren en een netwerk.
  • Hokjes (als armoede, afstand tot de arbeidsmarkt, dagbesteding,) hoeven niet te worden afgeschaft, maar mogen we wel met een korreltje zout nemen.

De kracht van onderaf

  • Als je dingen loslaat, beginnen ze zich zelf te organiseren.
  • Als je mensen betrekt bij de oplossing van een probleem, voelen ze zich medeverantwoordelijk en ben je al op weg naar de oplossing.
  • Je kunt van bovenaf niet bepalen wat onderin leeft, controle is een illusie. Wel kun je de regie voeren of de kaders en de manier waarop van onderaf wordt ondernomen.

Als we deze waarden als uitgangspunt nemen hoe we naar de wereld om ons heen kijken, ben ik ervan overtuigd dat we tot andere oplossingen gaan komen. Met deze kernwaarden start je namelijk vanuit je visie (met het ‘waarom’ aldus The Golden Circle van Simon Sinek). Vervolgens kun je dat vertalen naar beleid (het ‘hoe’) waarin je maatwerk mogelijk maakt, per persoon kijkt wat ze wil, wat ze kan en met wie ze dat het beste voor elkaar kan krijgen. En tot slot ga je over tot regels en structuren (het ‘wat’) waar geld wordt verdeeld, samenwerkingsverbanden aangegaan tussen instanties, nieuwe verbindingen mogelijk worden gemaakt, kruisbestuivingen ontstaan tussen groepen die nu nog als aparte hokjes (waaronder dagbesteding er één is) worden benaderd.

Nogmaals, als rasoptimist ga ik er van uit dat we goed op weg zijn. Ik heb veel mensen gesproken die al zo denken en een handje vol pioniers dat zelfs al zo handelt. Het is nu zaak dit te vergroten, makkelijker toegankelijk maken voor een grotere groep mensen, instanties en bedrijven. Daarin wil ik als aanjager binnen mijn mogelijkheden een rol spelen de komende tijd. Met de heerlijk symbolische tijd van 9 maanden creëren, broeden en ontwikkelen.

Suggesties welkom!

Heb je een aanvulling of opmerking op bovenstaand gedachtegoed? Wil je sparren over jouw rol bij het brede thema ‘dagbesteding’? Of heb je suggesties voor wat ik de komende 6 maanden nog zou kunnen doen? Bel of mail mij gerust!